zaterdag 21 februari 2015

Lift(en)

Van de week was ik, kort samengevat, even naar EchtStudio in Alphen aan den Rijn geweest. Iets over vijven hobbelde ik op een drafje naar het station, zodat ik nog net de trein naar Utrecht kon halen. Die niet kwam. Of ik hem net gemist heb of dat hij gewoon serieus niet kwam, durf ik niet meer met zekerheid te zeggen, omdat mijn oren al snel bevroren waren door de ijzige wind en ik het dus zomaar gemist kan hebben.
Een half uur later nog een kans, dus soit. Een beetje uit de wind staan. ging niet meer, want iedereen stond een beetje uit de wind. Overleven dan maar.

Optie 2
Ik ben niet zo goed in wachten terwijl steeds meer onderdelen doorkleumd raken dus ik dacht, kom ik probeer nog eens of ik naar het toilet kan op dit fijne station. Je moet de sleutel halen bij de kiosk een eindje verderop, en dan de mazzel hebben dat degene voor je die sleutel ook terugbrengt. Dat is niet altijd zo, had ik twee weken hiervoor al gemerkt.



Afijn, na een succesvolle missie loop ik terug naar de perronlift , die gevuld blijkt te zijn met een clubje opgeschoten jongens in allerlei lengtes, breedtes en maten van brutaliteit. En ze gingen er niet uit. Twee keuzes flitsten door mijn hoofd: omdraaien en de trap of mezelf er gewoon tussen storten. Met ijskoude spieren en krakende knieën (en een behoorlijk trap in het vooruitzicht) besloot ik tot optie 2.


Gratis
"Jongens, schuif es even een beetje in, dan kan ik er ook bij."

"Kut," hoorde ik uit de achterhoede.
Maar het schoof in en ik stond in een best kleine lift met 6 jongens, 6 op de grond gesmeten rugzakken en een lucht om plakken van te snijden. Wietlucht.
"Oh dat ruikt heerlijk!"riep ik opgewekt.
"Kut," hoorde ik uit de achterhoede.
"U weet niet wat het is," stamelde een van de opgeschoren koppies.
"Nee ik ben gek. Maar ik vind het echt lekker ruiken. En ik kan gratis meeroken!"
Ik voelde wat ontdooien.
"Wilt u een hijs?" vroeg er één. De sfeer begon nu bijna gezellig te worden.

"Nee hoor, ik heb genoeg zo. En ik vind het wel lekker ruiken, maar goor smaken."
"Oh jammer."
"Nou dat valt wel mee. Maar ik heb een tip voor jullie. Weet je hoe je high kan worden? Hier? Nu? Gratis?"
12 ogen keken me geïnteresseerd aan.
"Door even op het knopje te drukken. Moet jij es kijken hoe snel je opstijgt."

Zes zonen
Het was even stil. En toen werd er gelachen. Hard gelachen. En werd er op het knopje gedrukt.
Ik was op tijd terug op mijn perron en werd uitgezwaaid alsof ik mijn zes zonen achterliet omdat ik maandenlang voor mijn oude moeder aan de andere kant van de wereld moest gaan zorgen.
Grinnikend stond ik op het perron. De lol verging me al snel, toen er werd omgeroepen dat de trein naar Utrecht niet zou rijden. Waarom? Dat vertelden ze er niet bij.

"Kut,"hoorde ik uit mezelf.


Wordt vervolgd.... 

zaterdag 12 april 2014

Therapeutische afleiding

Tsss. 1,5 niet eens zo grote ruimte met niet eens zo veel kraampjes en een knalrood banksaldo. Je zou denken: best een veilige combi. Nope.
Live life dangerously denk ik dan en ik word straalverliefd, bij voorkeur op dingen die ik helemaal niet nodig heb. Maar die wel uniek zijn en met liefde gemaakt. Bij 2 kramen kreeg ik het compliment dat ik zo leuk ben om aan te verkopen. En naast dat compliment ook nog korting.

En dan ook nog gezellig een kopje thee zitten drinken met Sandra Eskes. Zij aan de cheesecake, ik aan de carrot cake. Speciaal niet ontbeten want ik had al gezien dat ze lekkere dingen van de buurtbakkers zouden hebben. Sandra had mij natuurlijk gelijk mee naar buiten moeten meetrekken. Maar ze heeft me gewoon onaangelijnd die kraampjes laten afstruinen. NIKS heb je aan haar ;-)

De buit zie je hieronder. Call me crazy, ik hou ervan. Allemaal hergebruik, dat is toch geweldig?

Een heerlijk gezellige dame waar ik erg mee heb gelachen tot de inhalator eraan te pas moest komen, maakt al die geweldige objecten van oud borduurwerk dat haar man voornamelijk in Vlaanderen vindt.



Ze had ook geweldige tassen en lampen, maar ik ben maar voor het goedkoopste gegaan, een prachtig oud voetenbankje ;-) Ze moest uiteindelijk zo lachen dat de prijs met elke paar minuten omlaag ging en ik er ook nog een kipje bij kreeg ;-)




Ach, zei ze, hupsakee! Ik heb zo’n lol met u, daar gaat dat prijsje! Ze trok met ferme hand van het bankje en gooide het over haar schouder.



Toen ik de al bij de ingang gescoorde etagère op weg naar huis ging ophalen, had ze hem helemaal in bubbels verpakt en er ook nog een vintage boodschappentas van de buurvrouw omheen gedaan. 



Ze had er nog keurig bij gezegd dat ze het oortje van het überlieve konijntje had moeten lijmen. Maar hé, ik heb ook wel wat krasjes en gelijmde onderdelen en ik vind het ook fijn als ik geaccepteerd word. Toen ik dat erbij zei, wilde ze hem eigenlijk zelf houden ;-) No way, José!


Nu zit ik met suizende oren op de bank, en ga ik zo even slapen tot de bel gaat. Maar wat ben ik blij met dit soort kleine dingen. Ik ben zo blij dat te merken, want gisteren was ik bereid om de handdoek heel erg en op alle gebied in de ring te gooien. Geld uitgeven dat je niet hebt is niet verstandig, maar dit was goedkoper en effectiever dan menig therapie. 

vrijdag 11 april 2014

Noodgeval!

Gisteren had ik nog wat leuks trouwens. Toen ik bij Intratuin mijn boodschapjes inpakte, kwam er een meneer naar de kassadames met de mededeling dat hij een noodgeval had. Hij had alles, inclusief zijn sleutels, in zijn auto liggen en de deur dichtgegooid. Alleen zijn telefoon zat in zijn broekzak.

De dames konden hem niet helpen, want ook achter de schermen hebben ze een computer met alleen het winkelsysteem. Ik als bemoeial bood dus aan om het ANWB noodnummer even op te snorren op mijn telefoon, aangezien de man in kwestie een bakelieten Nokia had.

Meneer liep al bellend naar buiten. Ik hield hem nog even in de gaten om te kijken of hij eruit zag alsof hij echt geholpen zou worden. Ik hoorde hem dingen in die richting zeggen, dus startte mijn intussen ingepakte fiets. Daarop kwam de grijze man achter me aan, al bellend, wild gebarend dat ik moest wachten. Nadat hij opgehangen had, volgde dit:

"Mevrouw! U hebt me zo fijn geholpen en we staan voor een tuincentrum. Kan u een bloemetje aanbieden? Of een plantje?"
"Nou meneer, dat vind ik heel aardig van u, maar dat hoeft niet, hoor. Ik ga lekker naar huis."
"Maar ik zou het fijn vinden om u iets aan te bieden. Ik weet niet hoe ik anders geholpen had kunnen worden. Een kopje koffie dan?"
"Nou meneer, dat zal niet gaan."
"Och nee, ik bedoel daar niks mee hoor. Oh nee, nee dat u dat niet denkt!"
"Dat weet ik meneer, maar het zal toch echt niet gaan."
- verwarde blik -
"Uw portemonnee ligt in uw auto."
"Ah neeee!"

Hihi! Ik werd wel uitbundig uitgezwaaid. En dat is ook wat waard. En dat plantje, dat kreeg ik alsnog via het universum. Omdat ik bij thuiskomst de overbuuf tegenkwam met haar vraag of het menu van de dag mij zou aanstaan :-)


Random acts of kindness. Gotta love 'em!

vrijdag 20 september 2013

Ik wil ze niet, echt niet!

Ik zit er al tijden mee. Met iets wat ik niet snap. Waar ik met enige regelmaat tegenaan loop en wat me steeds meer bezighoudt. Omdat ik het mechanisme niet helemaal begrijp.
Op het gevaar af dat er mensen boos, verdrietig of geschoffeerd raken, schrijf ik dit blog, dat er gewoon uit moét. Ik schrijf het nu, om half 11 's avonds, vers van de lever. En het wordt lang. En misschien vol fouten. En zonder prachtige opbouw. Je kunt nu nog wegklikken.


Geen kinderen
Voor wie me niet persoonlijk kent, val ik maar met de deur in huis: ik heb geen kinderen.
En ik vind het niet erg.
Regelmatig vragen mensen me: "Heb je een partner? Heb je kinderen?" En dan zeg ik twee keer nee. Dat eerste kan nog vrij snel genegeerd worden, maar ondanks dat ik single ben, wordt me toch ook vaak gevraagd of ik dan ook geen kinderen had wíllen hebben. Of het een bewuste keuze is. Ik kan daartegen, maar ik kan me voorstellen dat het een heel impertinente vraag is als je op allerlei manieren (tevergeefs) probeert om een kindje te krijgen. Of er zelfs een kwijt bent. Ik kan ertegen, omdat ik ze nooit gewild heb. 


Waaat?
Als je dat zegt, kijken mensen je werkelijk verbijsterd aan. Of zelfs geschokt. Of meewarig. Noem het maar. Slechts zelden merk ik dat iemand het gevoel deelt. Maakt me niet uit, ik voel wat ik voel. En als je ernaar vraagt, geef ik het weer.
Ik kan nu een enorme rij met reacties neerzetten, en dit blog eindeloos lang maken, maar ik zal er een paar 'hoogtepunten' uithalen.


Egoïstisch
Ik heb eerlijk waar een paar keer de vraag gehad of ik het niet een egoïstische kijk op de wereld vind. Dat ik in mijn eentje wil leven en het dus niet wil delen met kinderen. Of iets door wil geven aan mijn kinderen.
Nou kijk, ik vind de wereld heel erg vaak helemaal niet leuk genoeg om kinderen in te zetten. En ik wil mijn leven dolgraag delen. Maar dat kan toch ook met vrienden? Familie? Moet dat per se met een partner en/of kinderen?
Ik ben geen carrièretijger die vindt dat kinderen lastig zijn als je de top wilt bereiken. Helaas is dat vaak zo, en zijn er nog steeds veel vrouwen die daardoor de keuze voor kinderen niet kúnnen maken. Wat ik tragisch vind. Parttime aan de top is nog weinig ingeburgerd. Dat is dus geen egoïsme, dat is een praktische (zware) keuze. Maar ook als je geen bestormer van de carrièreladder bent, zoals ik kun je kiezen voor niet. Voor geen. Voor je eigen leven. Als dat egoïstisch is, so be it.


Zwaktebod
Nee. Ik heb geen kinderen. Dat is merendeels een bewuste keuze (zie verderop). Ik ben niemand tegengekomen waar ik kinderen mee zou willen, maar nog belangrijker: ik zie mezelf heel die verantwoordelijkheid niet nemen. Ik zie mezelf niet zo als een (goede) opvoeder. Ik denk niet dat ik het echt kan. En ik had/heb ook geen zin om het te proberen.
Sommige gesprekspartners zeggen dan dat ze dat een zwaktebod vinden. "Je geeft dan wel erg snel op." Ja klopt. Ik kan niet even oefenen, hè. En nogmaals ik WIL(DE) geen kinderen, dus waarom in vredesnaam zou ik werken aan mijn opvoedvaardigheden? Ik zou uiteindelijk heus wel kunnen, hoor, maar nee, ik WIL niet!


Oergevoel
Dat kan niet. Dat je niet wilt en nooit gewild hebt. Dan heb je wat weggedrukt. Iedere vrouw wil op een moment kinderen. Dat is gewoon zo geprogrammeerd. Dat is de natuur.
Oh, ik ken ze ook, hoor, de oermoeders. Mijn zus bijvoorbeeld. Die liep bij wijze van spreken zelf nog in de luiers toen ze al overal in onze flat ging oppassen. Ik niet. Zelfs mijn beste vriendinnen met kleine kindjes hadden niet de enorme neiging om het me te vragen. Gewoon omdat ik uitstraalde er geen zin in te hebben. Ik deed het wel, als de nood aan de ouders was, maar ik werd er niet echt warm van.
Ik ben dus verkeerd geprogrammeerd en tegennatuurlijk, want ik mis dat oergevoel, dat broedgevoel. Althans, ik mis het niet, het ontbreekt bij mij. Laten we daar wel even duidelijk over zijn.


En zo waren er nog wel wat staaltjes van mij (overigens tevergeefs) het gevoel geven dat ik niet helemaal normaal was, als vrouw zijnde.

Geschenk
De klapper vond ik nog wel deze. Het gebeurde enkele jaren geleden. Een vrouw mengde zich in een gesprek dat ik had in een groepje. Ze zei: "Je gaat heel achteloos om met een roeping en een geschenk dat voor jou als vrouw is weggelegd. Je ontkent je vrouw-zijn door jezelf kinderen te ontkennen. En je kunt het niet meer goedmaken."
Het werd mij enigszins vlekkerig voor de ogen.
"Goedmaken? Ik heb helemaal niks goed te maken! Misschien hebben mensen die wél kinderen op de wereld zetten waar ze niet mee kunnen omgaan, die ze geen volwaardig leven kunnen geven wel wat goed te maken. Bovendien, hoe vol zou de wereld worden als iedereen naar haar roeping zou luisteren? En dan nog: ik weet al 15 jaar dat ik geen kinderen kán krijgen. Er is dus helemaal geen geschenk voor mij als vrouw weggelegd. Heeft u dáár weleens bij stilgestaan?"


En toen was het stil. En kreeg ik excuses. En liep ik weg omdat ik geen zin had om verder te praten. Omdat me dat bijna niet meer lukte zonder te gaan schreeuwen.

Keuze
Nee, maak je geen zorgen. Ik ga nu niet zeggen dat ik geen kinderen heb omdat ik ze niet kon/kan krijgen (vinden mensen soms ook genant, als je dat gewoon zegt) en dat ik daar heel veel verdriet van heb. Zo verwarrend is het niet.
Toen ik de boodschap kreeg, vroeg de gynaecoloog of ik klaar was voor slecht nieuws. Ik schrok me wild. Ik dacht dat ik een terminale ziekte had, of dat ik allerlei enge operaties moest ondergaan, of dat ik heel veel pijn zou gaan hebben. Nee, de kans dat ik ooit een zoon of dochter op de wereld zou zetten was zo'n 5%. Dat was de boodschap.
Ik was opgelucht. De gynaecoloog verbijsterd. Ik legde uit dat ik ze echt niet wilde, nu (toen dus) niet en nooit niet. Dat ik dat zeker wist. En als volgens de statistieken per jaar een x-aantal vrouwen onvruchtbaar moet zijn, ik blij ben dat ik misschien de plek inneem van een vrouw die heel graag wil. Wat ik ook prima snap, hou me ten goede.

Ik vond het idee, het concept vervelend dat ik de keus niet meer helemaal aan mezelf kon houden, maar ik bleef dezelfde mening toegedaan.

Compassie
Of wacht, ik heb nog een hoogtepuntje. Als ik zeg dat ik geen kinderen wil, heb ik geen compassie met mensen die ze wél willen. Wat is dat nou voor logica? Ik heb in mijn omgeving verschillende stellen of vrouwen zien worstelen om zwanger te raken, al dan niet met succes. Hoeveel moed, verdriet, hoop, vrees en wat al niet bij komt kijken, ik kan me daar alles bij voorstellen. En het verdriet bij het verlies van een kind(je), denk je dat ik daar niet keihard om kan janken? Waarom als ik iets niet wil, zou ik niet kunnen snappen dat iemand anders verscheurd wordt als het haar/hem/hen niet gegeven is?
Ik volg die gedachtegang serieus niet. Maar ik word soms echt argwanend aangekeken als ik zeg dat ik de intense verlangens begrijp. Alsof dat niet kan. Ga toch weg. Ik kan meer dan je denkt.

Verdedingen
Waarom moet ik me regelmatig zowat verdedigen omdat ik geen kinderen wil? Niemand hoeft zich te verantwoorden voor het feit dat hij/zij ze wel wil. Niemand wordt het vuur aan de schenen gelegd met allerlei diepgravende vragen naar wat in vredesnaam de beweegredenen zijn om kinderen te willen. Althans, ik zie het weinig gebeuren.
Misschien heb ik het mis, corrigeer me dan vooral.

Ik vraag het in elk geval niet. Want kinderen zijn leuk. Heel veel althans. En ik ga ze steeds leuker vinden. Op mijn oude dag ;-) Ik ben de laatste jaren intussen zelfs regelmatig aan het oppassen. En dat vind ik nog leuk ook. Maar ik ben ook blij als ik weer naar huis kan. Zo simpel is het.
Respect als jij/jullie een kind kunnen opvoeden. Hoe dat kind er ook is gekomen. Ik ben oprecht gelukkig voor jou/jullie dat je je zoon(s) of dochter(s) in de armen kunt sluiten, kunt troosten en knuffelen. Gelóóf dat nou. Maar respecteer ook mij en mijn standpunt. Of wees in elk geval niet zo geschokt. Wat ís nou die schok. Kan iemand me dat serieus uitleggen? 

Droom
Ik droom weleens dat ik een kind heb. Ik word dan spaans benauwd wakker. Als tot me doordringt dat het niet zo is, word ik pas weer kalm. Ik heb genoeg aan mezelf, echt waar. Ik zou me geen raad weten...
En dit blog: het was een hele bevalling!


PS: Aan alle kindjes (groot en klein) van mijn vrienden en vriendinnen, mijn familie en natuurlijk mijn eigen neven: ik hou van jullie!

NB:
Nog 400.000 aspecten zitten er aan dit onderwerp. Ik kan uren doorschrijven. Over de voordelen. Over de nadelen. Over meningen, over gevoelens, over waar die vandaan komen, over de zorg voor een kind met een beperking, over huilbaby's, over kinderen en huisdieren, over de angst om je vrijheid te verliezen, over het verkeerde pad op gaan, over het empty nest syndrome, etc etc. Maar ik moet ergens een (tijdelijke) streep trekken. Op de een of andere manier lucht het op, dit blog. Nu kijken wat de reacties zijn. If at all.

Ik ken verschillende kinderloze stellen die dezelfde priemende vragen krijgen. Want als je een stel bent en al heel lang bij elkaar, dan kan het toch niet zijn dat je bewust kinderloos bent? Ik kan daar wel ook nog weer een heel nieuw blog aan wijden, maar ik neem aan dat mijn punt helder is. Hoop ik. Vrees ik?

zaterdag 13 juli 2013

Hijgerige klopjachten

iampierremenard

Dit keer (weer) niks stelligs. Maar iets wat me al een tijdje bezighoudt. En waar ik maar niet uit kom.


Klopjachten
Ik weet het niet met die hijgerige klopjachten op ongetwijfeld door en door slechte mensen. Het zal immers A niet de eerste keer zijn dat er iemand compleet door de mangel wordt gehaald die verward wordt met de echte boosdoener. 

B gun ik de boosdoeners helemaal zo veel publieke aandacht niet. Het zijn vaak aandachtszoekers en daar zitten we ze dan lekker in te faciliteren. Of andere mensen op walgelijke ideeën te brengen. Weinig zo gevaarlijk als hersenloze copy cats.
C haat ik die sensatietoon. 'We' gaan hem uitroken, 'we' zullen hem wel een lesje leren, 'we' doen hem aan wat hij ook dat dier/die mens aan heeft gedaan, Kom op, doe mee, pak hem! Lynch hem, etc.
D hebben we het maar niet over gruwelijke foto's met daders erbij die allang zijn opgepakt maar die maar blijven rondzingen op internet.

Off with their heads!
Geloof me, ik vind het een dilemma. Want uiteraard kunnen social media uitstekend helpen bij het vinden van daders van misdrijven die absoluut niet getolereerd kunnen worden. Maar die heksenjachten, compleet met SCHREEUWERIGE HOOFDLETTERS (en liefst ook nog fouten), waar de sensatielust vanaf druipt. Waarvan je proeft dat de 'jagers' qua thrill seeking niet onderdoen voor de gezochte daders. Daar begin ik een beetje bang van te worden. Van die behoefte om qua beschaving zoveel eeuwen terug te gaan. 'Op de brandstapel ermee!' 'Off with their heads!' zonder de ins en outs te weten.

Ongegronde conclusies
Mismoedig word ik ervan. Net als van dat 'Deel als het je wat doet, negeer als je geen hart hebt/niet wilt dat de dader gepakt wordt/niet tegen kanker bent.' WTF! (Pardon my French). Mag ik zelf bepalen waar ik mijn grenzen leg en hoe? Mag ik zelf bepalen waar ik wel en niet aandacht aan besteed? Wat ik deel of niet? Zonder dat daar gelijk totaal ongegronde conclusies uit worden getrokken? 
Geloof me, ik ben een social media fan. Ik heb al zo veel moois bereikt zien worden. Maar soms....

Ik zal het dicht bij huis houden. Een haaknaald is iets om leuke dingen mee te maken, lieve dingen ook nog, meestal. Maar leg je hem in de handen van een kwaadwillende, dan kan het zomaar een moordwapen worden. Een bekend gegeven, maar daarom niet minder waar. Zo is het ook met social media. Geef niet Twitter, Facebook, etc de schuld, maar degenen die het inzetten voor enge doelen. Goedbedoeld of niet. 

Hoe dan?
Hoe het wel moet, social media inzetten om te helpen daders te vinden? Daar ben ik zelf ook nog niet uit. Ik stuur geen berichten door met gruwelijke foto's van mishandelde dieren als het gaat om een particuliere actie. Wel van bijvoorbeeld Piep Vandaag! Of van Amber Alert of andere vermissingsinstanties. Omdat ik geloof in dát instituut. En niet in die hapsnap willekeurige hijgacties. 

Maar ik heb net zo goed de waarheid niet in pacht. Of hét antwoord. Of dé manier om met die social media om te gaan bij het oplossen van misdrijven. Ik heb alleen wel een naar gevoel over sommige ontwikkelingen. En de behoefte om dat gevoel te uiten. Gooi me maar op de brandstapel. Hopsakee! Pak haar!

Ik ben oprecht benieuwd naar wat jij ervan vindt. Nou? Ik realiseer me terdege dat ik heel pissige of verongelijkte reacties kan krijgen. En dat vind ik prima. Júist omdat ik het zelf ook niet weet. Misschien krijg ik er wel een briljant idee van. 

Tekening van de scène waarin de Queen of Hearts "Off with their heads!" roept.
Uit Alice in Wonderland van Lewis Carroll. De tekening is gemaakt door John Tenniel. 

donderdag 6 juni 2013

Lullig slotje

Ik zit na een paar maanden pauze weer drie keer in de week in de trein met mijn vouwfiets. Een vouwfiets is een ramp om op slot te zetten. Een degelijk slot is niet te bevestigen op het kleine framepje en als je een kettingslot hebt moet je zowat op je knieën gaan zitten om het ergens omheen te krijgen waar het zin heeft.
En als je dan de trein weer uit moet, moe je je eerst tussen allerlei mensen heen wurmen om alvast je slot te verwijderen. Dat altijd ergens aan blijft hangen of niet open wil. Ik als snel gefrustreerd persoon word daar agressief van. En geloof me, dat wil je niet.

Een optie is de fiets niet op slot zetten. Maar mijn mooie rooie Dahon ziet er erg jataantrekkelijk uit en weegt 11 kilo. Die gooi je dus zo over je criminele schouder. En er zijn steeds meer berichten over diefstallen van vouwfietsen, zelfs bij mijn eigen werk voor de deur! En dus zocht ik naar iets náást dat grote kettingslot. Iets dat je er snel even om en af gooit. Iets voor alleen in de trein.

Fietsenwinkel
Vandaag is het donderdag en dus koopavond. Ik besloot met de rooie rakker langs de fietsenwinkel te lopen om een extra slot te kopen voor de snelligheid. Een lullig slotje, zeg maar. 


"Goedenavond mevrouw, kan ik u helpen?"

"Ja, ik zoek een simpel slot dat ik zo in 1 beweging even snel door de wieltjes van mijn vouwfiets kan halen. Voor in de trein. Een, zeg maar, lullig slotje."

[Verkoper knippert niet eens met de ogen].

"Ja goed, een lullig slotje. Ik snap het. Jajajaja. Hm. Ik heb wel een fláuw slotje."


"Een flauw slotje? Wat is het verschil tussen een lullig slotje en een flauw slotje?"


[Ik knipper niet eens met mijn ogen].

"Een lullig slotje heb je zo dicht, maar ook zo open. Een flauw slotje doet alsof het een goed slot is, terwijl het in de praktijk gewoon een lullig slotje is."

"Aha, maar ik kan dus nooit zien of ik een flauw slotje heb of een echt lullig slot?"


"Nee. Dat is wel een risico."

"Dat neem ik dan maar."

"Dat is dan 5,99."

"Alstublieft. En bedankt voor het meedenken."

"Geen dank. Oh enne... dat kleine stickertje met dat nummertje op dat slot..."

"Ja? Zie ik."

"Dat is de code van het cijferslot. Zou ik er even afhalen."

"Goed dat u het zegt! Zou mooi lullig zijn als iemand het er zo vanaf leest en alsnog de fiets meeneemt."

"Nou, lullig... Flauw zou ik zeggen."

.....

Wat heerlijk als je zomaar een wildvreemde ontmoet die gewoon meedoet en er een bizarre dialoog van maakt! Ik kan er dagen op teren.

vrijdag 17 mei 2013

Gesprek met het UWV

Sinds 2 mei stond er een bericht in mijn UWV-werkmap, dat leidde naar een dode link. Dan denk je nog ach, storing. Nog een paar keer gekeken, maar nog steeds lou loene. Ik had eind april doorgegeven dat ik weer een baan had per de 13e. Keurig alle benodigde bescheiden meegestuurd. Maar een bevestiging kreeg ik maar niet. Tenzij dat bericht van 2 mei het was, maar dat kon ik dus niet zien.

Omdat ik alweer zag aankomen dat ik gewoon een uitkering zou blijven krijgen en dan weer moest gaan terugbetalen, liefst pas na jaren en via een onnavolgbare berekening, dacht ik dat het goed was om maar even te bellen.


Telefonade
Ik had een uiterst vriendelijke, lekker zuidelijk klinkende mevrouw aan de lijn.


"Jazeker, uw bericht 'hervatting werk' is aangekomen. Dat u nog geen bevestiging hebt gekregen, snap ik ook niet, dus ik doe de brief vandaag nog op de post."

"Prima. Maar wat staat er dan in dat geheimzinnige bericht van 2 mei?"


"Ah, dat gaat over uw werkhervatting. Er staat in (leest met verve en kort samengevat voor): 'hartelijk gefelicteerd met uw nieuwe baan. Wij zullen uw uitkering stoppen op de door u aangegeven datum. Wij wijzen u erop dat u tot de dag dat u start met werken een sollicitatieplicht heeft. Als u daaraan niet voldoet, kan dat gevolgen hebben voor uw uitkering."

"Wat zegt u nu? Ik geef aan dat ik 13 mei ga beginnen en moet dan toch nog solliciteren tot en met 12 mei? Ik moest een contract meesturen en alles. Dan is toch duidelijk dat ik niet meer hoef te zoeken? Als ik nu meld dat ik ergens in augustus kan beginnen, kan ik me er, met moeite, nog iets bij voorstellen, maar ik ga voor 2 weken nog een baan zoeken?"

"Awel, das wel wat er in de brief staat. Ik vind het ook nogal raar voor die paar dagen, maar ja. Het spijt me."

"En bovendien, ik ben nu dus al begonnen en heb die 2 weken niet meer gesolliciteerd, want ik wist niet dat dat moest. Ik had immers de brief niet gekregen en had een bericht in mijn werkmap waar ik niet bij kon. Hoe kan dat trouwens?"

"Naja, per de datum dat u heeft gemeld dat u een baan heeft, eind april dus, is uw account afgesloten."

"Maar dat is toch niet zo? Ik zie toch nog dingen ook uit 2010 staan?"

"Ja maar toch is dat de reden".

"Ik krijg dus een bevestiging op een account dat vervolgens acuut wordt afgesloten. Dat is handig!"

"Ik ben heel blij dat ik het niet zelf verzonnen heb, mevrouw. Het is inderdaad niet erg logisch."

"Nou, stel dat ik nu voor die 2 weken dat ik niet gesolliciteerd heb gekort wordt, dan ga ik toch echt wel een beetje door het geluid."

"Dat kan ik me voorstellen. Ik maak een aantekening."

"Van dat ik door het geluid ga? Haha!"

"Haha, ook wel een idee. Nee, maar ik zorg dat ze weten dat u aan alle verplichtingen heeft voldaan. Dit kan zo niet."

"Zijn we het daarover eens."

"Zeker, een prettig weekend, mevrouw Buijs."

"Sterkte, mevrouw [afgeschermd], daar bij het UWV."

"Dank, ik moet nog enkele uren."


ottomannixreport.blogspot.nl/
Je zal er maar werken....

zaterdag 4 mei 2013

De iPhone kwam van links


Daar stonden we dan. Te wachten bij het stoplicht bij een grote, drukke rotonde. Het was het begin van een lekker fietstochtje naar Breukelen. Nu klinkt het wellicht wat onheilspellend, maar dat is onterecht; het fietstochtje bleef namelijk heerlijk. Alleen was er extraatje.

Van links
Al wachtend zag ik ineens iets van links naar rechts door mijn beeld vliegen, nadat een rijtje auto’s enthousiast was opgetrokken. Ik dacht nog dat er weer een lomperik gewoon een wikkel van iets uit zijn auto liet wapperen, maar het viel op het asfalt en bleef liggen. Vervolgens leek het een soort hoesje. Gedachte 3 was: het is een telefoon!
Met gevaar voor eigen leven ben ik door het rode licht de rotonde op gegaan en heb de telefoon naar de middenberm geschopt. Daar kon ik hem even onderzoeken. Het bleek een iPhone met een vies bruinkleurig hoesje, maar hoe vies ook, het deed wonderen! Er zat alleen maar een heel klein plekje op het hoesje, terwijl de telefoon met een klap het asfalt had geraakt en met het scherm naar beneden nog een paar meter door was geschoven. Wow! 

Ik kon het display niet lezen door de uitbundige zon, dus heb ik de telefoon in mijn fietstas gegooid om later nog eens te bestuderen. Het grappige was dat Lianne, mijn fietsmaatje helemaal niets had zien vliegen en ook niet snapte wat ik nou ging oprapen, terwijl het licht op rood stond en de politie aan de andere kant ook voor rood stond te wachten ;-)
In Tienhoven bleek dat al iemand de telefoon had gebeld. Bovendien had hij gesmst dat hij 300 euro over had voor het terugkrijgen ervan. Hij had hem heel hard nodig.
 

Fantasie
Verder fietsend naar Breukelen brachten Lianne en ik onze fantasie op gang. Verschillende scenario’s met ongeveer de volgende strekking passeerden de revue.

 
  • Hij had met zijn vrouw in de auto gezeten. Zij werd er gek van dat hij altijd de hele dag met dat ding zat te pielen en smeet de telefoon het autoraam uit.
  • Hij had zitten bellen in de auto. Je weet wel, zo stoer met de elleboog uit het raam, en de telefoon was uit zijn hand geglipt.
  • Het moest de telefoon van een crimineel zijn, met al zijn criminele contacten. Hoe kon hij nou zo een deal sluiten? Geen wonder dat hij zo snel 300 bood om hem terug te krijgen.
  • Ik zou hem dat ding niet bij mij thuis laten ophalen, want dan wisten hij en zijn hele bende gelijk waar mijn huis woonde.
  • Bij overhandiging van de telefoon zou ik standrechtelijk geëxecuteerd worden, omdat ik teveel wist na het doorpluizen van alle gegevens. Maar ik zou al wel 300 euro hebben voor mijn begrafenis.
  • De politie zou de overhandiging van de telefoon, gevolgd door het uitwisselen van geld, aanzien voor een geheimzinnige transactie op een openbaar terras.
  • Etc. 
 
Dakhaas 
Toen we op het terras in Breukelen zaten, begon de eigenaar van de telefoon wederom te bellen. Toen ik opnam, hoorde ik een vriendelijke, jonge, stem met Marokkaans accent. Die stem ging compleet uit zijn dak, omdat de telefoon terecht was. Ik zei dat we in Breukelen zaten. Hij zat in Zeist, maar kwam er zo snel mogelijk aan.
Er volgden nog enkele telefonades, omdat hij Breukelen niet kon vinden, en daarna ook de precieze locatie niet. De gesprekken werden steeds amicaler. Hij antwoordde al met: “ja hoi, met mij!”. Ik moest erg lachen, want hij vertelde ook nog even tussendoor wat er nou echt gebeurd was. Zijn vrouw had hem er vaak op gewezen dat hij altijd zo stom de telefoon op zijn dak legde als hij de auto openmaakte en dat dat een keer fout zou gaan. “Nou, ze had gelijk, hahaha!”, lachte de dommerd genereus.


Universum 
Uiteindelijk zijn de telefoon en zijn eigenaar herenigd. De eigenaar stelde zich keurig aan ons voor en meldde nog eens hoe onwijs blij hij was dat het ding terecht was. Hij rende vervolgens een auto in en verdween. Lianne en ik bleven achter en voelden een leegte ;-)

En dus mooi geen € 300. Het stomme was dat ik me toch even een soort bekocht voelde. Terwijl ik zeer waarschijnlijk helemaal geen lekker gevoel had gehad bij dat geld. Maar het idee had zich kennelijk toch stiekem al snel in mijn hoofd genesteld, en als je maar krap genoeg zit, heb je er al allerlei bestemmingen voor bedacht.
Maar goed, het bleef bij fantaseren. En ik zei nog tegen Lianne: “Als het zo moet zijn, regelt het universum wel wat anders.”

De volgende dag ging mijn telefoon. Het was een van mijn opdrachtgevers met een onverwachte en zeer welkome klus. Ter waarde van….
Toeval?




dinsdag 16 april 2013

Hoe de Parade helpt bij het stoppen met roken

Foto gemaakt door mij
Driekwart jaar geleden was ik met Yvonne op de Parade. Het water liep ons in de mond bij het zien van lemon merengue pie bij de Juicy Sisters. Nog een lekker groot en hoog glas thee erbij en genieten maar. Yvonne liep al balancerend met de gloeiend hete thee rond op zoek naar een plekje. Op een gegeven moment schoven er een paar dames aan de kant en riepen: "Kom hier bij zitten joh!". En zo geschiedde.
In no time zaten we gezellig te rebbelen over van alles en nog wat. Alsof we al jaren samen allerlei leuke dingen deden. Soms gebeurt dat, en altijd geniet ik ervan.

Stoppen!

Het onderwerp kwam op roken, omdat 1 of meer (dat weet ik niet meer) van de dames een onbedwingbare zin in een sigaret kreeg.Ik vertelde toen dat ik al een dik jaar was gestopt, zonder enige moeite. Jaloerse blikken vielen mij ten deel. HOE? Zeg ons HOE?
Ik vertelde ze dat ik gewoon cold turkey was gegaan. Dat was me een paar jaar geleden ook goed bevallen. Ik heb het toen 4,5 jaar volgehouden maar ben toen stom genoeg weer begonnen door stress. Een datum prikken, er naartoe leven, ik geloof er allemaal niet in. Ineens heb je zo'n moment dat je denkt waar ben ik mee bezig en dán moet je gewoon alles weggooien. Moeilijk, maar het kán. Althans ik kan het ;-) En met roken. Met eten lukt het me niet.

Opluchting

Ik vertelde ze vervolgens dat ik nog wat extra steun kreeg toen ik bij toeval na 3 weken stoppen het boek van Jan Geurtz 'De Opluchting' tegenkwam. Ik snapte hem volledig. Een soort Alan Carr maar dan minder Amerikaans. Ik ben gelijk meer boeken van hem gaan lezen en heb besloten dat ik zijn denkwijze heel interessant vindt. Ik denk zeker dat ik vaker indirect hulp van hem ga krijgen.

En ik ben dus niet de enige. De dames bleken zeer geïnteresseerd in het boek. En dus hebben we adressen uitgewisseld. En ging het boek op reis naar Harderwijk. Daar stopte de dame die het hardste nodig was met roken. En ze was dankbaar! Ze mailde me met de vraag of ze het nog naar een vriendin mocht sturen, die ook klaar was met die geld- en longenverslindende gewoonte. En dus ging het boek weer op reis. En weer met succes.


Parade

Een paar weken geleden lag het boek weer in mijn brievenbus. Met een lief kaartje erbij met de mededeling dat er dus in redelijk korte tijd nog 2 mensen waren gestopt door het boek. Dat zij nooit hadden gekend als ze niet naar de Parade waren geweest. En wij geen zin hadden gehad in thee met gebak op diezelfde Parade.
Het idee is dat we elkaar op dezelfde plek ontmoeten, de komende Parade. En dan trakteert de dame in kwestie op thee met gebak. En het wordt vast weer retegezellig!


Volgende week ga ik Jan Geurtz zien bij een presentatie van zijn nieuwe boek. Ik ben heel benieuwd!



dinsdag 2 april 2013

Getikt

Vanochtend ging ik op weg naar een elektronicazaak voor een nieuwe printer. De oude had een geschatte levensduur van 5 jaar. Toen ik de bestelling van mijn tot nu trouwe printbeest terugzocht, bleek hij vandaag precies 5 jaar en 2 dagen oud te zijn. Ha! Maar dat terzijde.
Toen ik overstak, compleet met een belachelijk harde wind en groen licht, werd mijn achterwiel nog net even aangetikt door een door rood rijdende automobilist. Ik had dus een ongewenste ontmoeting met het asfalt. Dat ging heel gek traag, maar het gíng wel.


Kijk dan uit!

Gelukkig stopte de roodrijder. Wel zo beleefd. En hij stapte zelfs uit om te vragen of ik wel ok was.

Dacht ik. "Kijk dan uit, stomme trut!" kreeg ik toegeworpen. Toen ik geheel op eigen kracht weer overeind was gekomen, zag ik nog net de zijkant van de kerel de auto in verdwijnen. Hij keek nog even woest naar me en weg was ie.

Ik heb met bibberende benen mijn fiets in een rek bij een meubelzaak gezet. De nieuwe printer zat er nog op. Die had hopelijk geen schade. Ikzelf voorlopig een beurs bovenbeen en de bibbers. En de fiets de nodige krassen en deuken. 
Ik heb de printer van mijn bagagedrager gehaald en ben maar met de tram en de bus naar huis gegaan om daar met een kopje thee tot bedaren te komen. Dat leverde een gek soort huilbuitje op. Pure frustratie.

Kijk dan uit? Wat is dat nou voor opmerking!? Ik had het volste recht om over te steken, want ik had groen. Dat is voor mij nooit een reden om niet alsnog goed uit te kijken, omdat ik wel vaker mensen door rood zie rijden. Maar in dit geval was ik al aan het oversteken. Vandaar dat hij mijn achterwiel raakte. Had ik dan achterom moeten kijken of iemand ineens besloot om door rood te rijden? En waarom dacht ik hier überhaupt over na? Hij zat sowieso fout! Stressleven 10+++.

Getikt?

De printer bleek inderdaad schadeloos. Maar ik heb wel een freelanceklus gemist en ik moet een paar plekken op mijn fiets laten bijwerken omdat anders het metaal gaat oxideren. En het raampje van mijn versnelling is kapot. Maar ja, bij wie verhaal ik het, hè.

Mijn achterwiel wérd getikt, maar de automobilist was het al. Wát een idioot!